Van Staatsschulden naar Staatsgulden

Uit de euro

Taal: Taal
Views: 2626
Ingevoerd: 27-10-2011
Geplaatst door: Redactie Earth Matters
Bron: Courtfool

Gekoppelde categorieen
Economie, (Verborgen) nieuws, Europees Stabiliteit Mechanisme (ESM), Europa, Nederland

(Rudo de Ruijter)

Brussel wil de sleutel hebben van de nationale schatkisten van de 17 eurolanden. Alleen op die manier kunnen ze de euro redden, zeggen ze. Het ESM-verdrag is al getekend. Als de parlementen dit verdrag ratificeren is het afgelopen met onze soevereine democratieën. Willen we dat wel? Is er een alternatief?

Voor wie weet hoe het geldsysteem in elkaar zit, is de logische oplossing van de huidige problemen vrij eenvoudig. Een bankhervorming. Op TV mag er nog niet over gepraat worden [1], maar als je wilt weten hoe het zit, hier is de uitleg. (En wie alles al weet, kan gelijk doorscrollen naar 2. Bankhervorming.)

1.   Het huidige geldsysteem

Bankiers hebben nu wereldwijd een geldsysteem, dat gebaseerd is op geld maken uit gebakken lucht. Bijna al het geld op bankrekeningen bestaat uit gebakken lucht. Er is slechts een minieme hoeveelheid echt geld in omloop. Hoe zit dat?

Bankieren is boekhouden

Telkens wanneer een bankier een lening verstrekt, dan verstrekt hij in feite geen geld, maar een tegoed. De lening bestaat uit niets anders dan getalletjes in de boekhouding van de bankier. Stel dat jij een lening wilt van jouw bank, Bank Blut. Aan de ene kant schrijft de bankier dat hij 250.000 euro van jou tegoed heeft en aan de andere kant dat jij nu een tegoed van 250.000 euro van hem hebt. Die zie je op je rekening verschijnen. Die kun je uitgeven. Huisje kopen? Okay, huisje kopen.

Stel dat je een cheque uitschrijft aan de verkoper van het huis. Die brengt die cheque naar zijn bank, de Roodschildbank. Die wil die cheque nu inwisselen bij jouw bank, tegen echt geld wel te verstaan. Roodschild weet hoe zijn collega de getalletjes uit de hoed getoverd heeft en neemt geen genoegen met gebakken lucht.

Nu moet Bank Blut dus met echt geld over de brug komen. Maar, in de praktijk blijkt dat meestal niet nodig. Roodschild verstrekt namelijk zelf ook doorlopend leningen. En een deel van die leningen worden weer uitgegeven aan klanten van Bank Blut. Dus wat er gebeurt, is dat Roodschild zijn vordering van 250.000 op bank Blut uitwisselt tegen een vordering van 250.000 van Bank Blut op Roodschild.

Rente op gebakken lucht

Op deze manier kunnen banken steeds meer leningen in omloop brengen. Het ene blikje gebakken lucht wordt uitgewisseld tegen het andere en de klanten hebben niet in de gaten hoe ze voor de gek gehouden worden. Want voor die gebakken lucht moet wel rente betaald worden.

Even ter amusement een voorbeeld, waarbij banken miljoenen creëren zonder dat er één cent echt geld bij te pas komt. In het echt komt er iets meer bij kijken, maar toch.

We stellen dat er 3 banken zijn, die respectievelijk 20%, 30% en 50% van de bevolking bedienen. Aangenomen wordt, dat alle drie dezelfde soort klanten hebben, die dezelfde behoefte hebben aan leningen en bestedingen. Aangetoond wordt, dat alle betalingen die de banken moeten doen op het moment dat de lener zijn lening besteedt, wegvallen tegen de ontvangsten van deze bestedingen.

De leners van de eerste bank besteden 20% van hun leningen bij klanten van hun eigen bank, 30% bij klanten van bank 30% en 50% bij klanten van bank 50%. Enz. Als we de ontvangen bedragen uit alle leningen nu bij elkaar optellen, heeft elke bank evenveel ontvangen als dat hij heeft gecreëerd. Voilà, 100 miljoen aan tegoeden op bankrekeningen zonder dat er een cent echt geld aan te pas is gekomen.

Wanneer je bankiers vraagt of ze geld uit het niets creëren, antwoorden ze in de regel dat ze slechts leningen verstrekken voor zover ze daar tegoeden tegenover hebben staan. Die tegoeden lopen echter vanzelf op door de leningen, die zij zelf verstrekken.

Betalingsverkeer

Het hele betalingsverkeer gaat op dezelfde manier. Als jij een betaling doet aan iemand bij een andere bank, dan moet jouw bank dat aan de andere bank betalen. Maar nog dezelfde dag zullen er ook weer betalingen van klanten van de andere bank aan klanten bij jouw bank gedaan worden. Al die interbancaire betalingen worden gewoon tegen elkaar weggestreept.

Wat de banken uiteindelijk aan elkaar betalen, dat zijn de kleine verschillen tussen de pakketten inkomende en uitgaande betalingen. Om die overboekingen te vergemakkelijken hebben alle banken een rekening bij de centrale bank. De bedragen op die rekeningen worden beschouwd als echt geld. (Desgewenst zouden de banken het totale bedrag op kunnen vragen in bankbiljetten, want de centrale bank is gemachtigd deze te drukken.)

Bij de centrale bank geldt de regel dat alle banken ‘s avonds een positief saldo moeten hebben. Als een bankier te kort komt, omdat hij op een dag wat minder ontvangen dan betaald heeft, dan leent hij voor de nacht van zijn collega, die dan wat meer ontvangen dan betaald heeft. En als de collega’s elkaar niet vertouwen, zoals tijdens de kredietcrisis en nu weer sinds enkele maanden, dan kan de bankier voor een kwart procent meer van de centrale bank lenen.

Bankiers onder elkaar

Bankiers hebben onderling regels afgesproken over het vereiste minimum kapitaal ten opzichte van de berekenende risico’s, zoals die van uitstaande leningen. Dat kapitaal is maar een schijntje van deze risico’s, maar op deze manier wordt het maken van geld uit gebakken lucht enigszins geremd en lopen banken meer met elkaar in de pas bij het verstrekken van leningen. Dit verhoogt het onderlinge vertrouwen om elkaar geld te lenen, zodat ze allemaal hun winstmogelijkheden kunnen optimaliseren.

Bankiers zijn dus in eerste instantie bankiers onder elkaar. Toen de klanten van grote Nederlandse banken massaal hun geld naar Triodos brachten, omdat ze ontevreden waren over de graai-cultuur bij hun eigen bank, kwamen de grote banken dat geld tekort. Gelukkig is Triodos de gemeenste niet en die leende dat geld gewoon weer uit aan diezelfde banken. (Sorry mensen, ethische banken bestaan gewoon niet, wel sympathiek ogende banken. Maar met zo’n geldsysteem kun je toch ook niet anders verwachten, niet waar?)

Maar zodra er donderwolken aan de horizon verschijnen en er grote verliezen dreigen voor de banken, dan is het onderlinge vertrouwen meteen weg. Dan probeert elke bankier zijn eigen broek op te houden. Elk van hen probeert dan zo snel mogelijk zijn kasreserves te vergroten en zijn risico’s te verlagen. Resultaat, het bedrijfsleven krijgt maandenlang nauwelijks meer krediet en de golven van ontslagen en faillissementen beginnen het land weer te teisteren. En als de bui blijft hangen, kan het zelfs jaren duren. Heerlijk toch, zo’n banksysteem?

Bedragen verhuizen van rekening naar rekening

Terug naar het verkochte huis. De verkoper van het huis beschikt nu dus over 250.000 euro aan gebakken lucht, die hij op zijn beurt weer uitgeeft. Zo gaat dit zogenaamde geld van de ene rekening naar de volgende. Dus zelfs als je nog nooit een lening hebt afgesloten, dan staat er op jouw rekening alleen maar gebakken lucht, die je ontvangen hebt voor je arbeid of voor goederen die je verkocht hebt. Ben je bijvoorbeeld bij de ING, dan heeft deze bank maar 3 cent echt geld voor elke euro die je als tegoed op je rekening hebt staan.

Steeds minder contant geld op zak

In feite hebben ze met gebakken lucht de 3 cent met 33 vermenigvuldigd. Als je dus 100 euro contant bij de ING deponeert, lenen ze 3300 euro uit. Anders gezegd, voor elke euro die wij niet op zak houden innen de banken een veelvoud aan rente.

Misschien dat je nu ook begrijpt, waarom de banken ons verleiden zo veel mogelijk elektronisch te betalen. Credit cards, bankpasjes, tankpasjes, prepaid, chipknips, OV-chipkaarten, het dient allemaal slechts één doel: zorgen dat we zo weinig mogelijk contant geld nodig hebben.

Dat heeft echter wel een keerzijde. De kasreserves (de bankbiljetten plus het omwisselbare tegoed bij de centrale bank) dienen niet alleen om klanten van contant geld te voorzien en de kleine verschillen tussen inkomende en uitgaande betalingen te vereffenen. Het is ook de eerste buffer om verliezen op te vangen. Maar omdat de inkomsten bij een lagere kasreserve disproportioneel stijgen, is de verleiding groot om dan maar meer risico’s te nemen. Zo dragen we met ons moderne plastic geld bij aan het roekeloze uitleen-gedrag van onze bankiers.

Laten we eens bekijken wat er gebeurt als we een briefje van 100 naar de bank brengen en op onze rekening storten. Bij 3% kasreserve heeft de bank dus maar 3 cent voor elke euro op je rekening.

.

In de rechter kolom zie je dat de inkomsten disproportioneel toenemen naarmate het percentage kasreserve lager wordt. En – omgekeerd – als je met eenzelfde bedrag aan kasreserve terug zou willen van 3% naar 4%, dat je dan 1/4 van de uitstaande leningen af moet bouwen…

Alle bedragen zijn tijdelijk

Op afgesproken tijdstippen moet je het tegoed, dat je van bankier Blut hebt gekregen weer aan hem terugbetalen. Uit de poel van al het “geld” in omloop, moet je voldoende zien te verdienen om de aflossingen te betalen. Bankier Blut schrijft dan in zijn boekhouding, dat het bedrag dat hij van jou tegoed heeft wordt verminderd en hij vermindert het bedrag dat jij van hem tegoed hebt. Je ziet dat bedrag van je bankrekening verdwijnen. Zo verdwijnen de gecreëerde tegoeden dus weer uit de omloop. Dat is dus een vermindering van het “geld” in het land.

Rente

De rente die je betaalt verdwijnt niet uit omloop. Daarmee betaalt de bankier al zijn kosten (zoals rente, verzekeringen, personeelskosten, onderhoudskosten, facturen van de bedrijven die het elektronisch bankieren regelen etc) en wordt het eigen vermogen opgekrikt, zodat hij de volgende keer nog meer uit kan lenen.

“Geldmassa” moet groeien

Het klassieke risico voor de bankier is dat leners hun leningen niet of niet geheel terugbetalen. En als het onderpand niet voldoende blijkt, dan blijft hij met gebakken peren in zijn boekhouding zitten, dat wil zeggen, met bedragen die hij vroeg of laat als verlies moet boeken.

Om het risico van wanbetalingen te verminderen zorgen de banken ervoor, dat er steeds meer leningen in omloop worden gebracht. Want hoe meer “geld” er in omloop komt, hoe minder het waard wordt. Dat is de welbekende inflatie. Het bedrag dat een lener moet terugbetalen ligt vast. En omdat dit bedrag tijdens de looptijd minder waard wordt, kan hij dat makkelijker verdienen. Als hij 6% rente moet betalen en de inflatie is 2%, dan is de rentelast 1/3 minder. [grafiek]. Zo wordt het aantal wanbetalers aanzienlijk beperkt.

Dit voordeel voor de leners komt trouwens precies overéén met de waardevermindering die de gebruikers van het geld ondervinden. In feite betalen zij als gebruiker dus ook een deel van de rente.

Steeds harder werken

Het is dezelfde inflatie die maakt dat we steeds harder moeten werken. Telkens als er meer “geld” in omloop wordt gebracht, moeten we proberen meer te verdienen, als we niet willen verarmen.

Natuurlijk zal een centrale bank nooit vertellen, dat de geldgroei een noodzaak is voor de bankiers. Het officiële voorwendsel is dat inflatie leidt tot meer economische activiteit.

En daar komt dan weer het wijdverbreide geloof vandaan, dat een economie moet groeien om gezond te zijn. Een uiterst gevaarlijk fabeltje. Eeuwige economische groei is immers onmogelijk op een eindige aarde. En hoe langer we er mee doorgaan, hoe meer we kapot maken. Wat we kunnen stellen is dat een geldsysteem, dat een groeiende geldmassa nodig heeft om te kunnen functioneren, ongeschikt is voor een duurzame maatschappij.

Staatsschuld

Onze overheid beschikt over “geld” door het heffen van belastingen. Daarmee kunnen allerlei zaken gefinancierd worden die voor ons gezamenlijk van belang zijn, zoals bijv. dijken, wegen, bruggen, scholen, ziekenhuizen, politie, leger enz. Regelmatig komt het voor, dat de overheid uitgaven doet nog voor de overeenkomstige belasting geheven is. In het huidige systeem moet de overheid dan geld lenen en daar rente over betalen. Dat is de welbekende staatsschuld. We zijn hier misschien gewend aan geraakt, maar eigenlijk is dit een raar iets. In de gemeenschap voeren mensen taken uit voor de gemeenschap, iedereen wordt voor zijn bijdrage betaald en vervolgens blijft er nog een schuld over. En daar betalen we met z’n allen – via extra belastingen – dan weer rente over.

Geldschepping door privé-geleide banken

Dit wordt uitsluitend veroorzaakt door het feit, dat parlementariërs in het verleden de geldschepping aan privé-bankiers hebben overgelaten. Dat was in de tijd, dat er veel waarde werd gehecht aan het sprookje, dat alleen bankiers de geldhuishouding op orde konden houden. Als de overheid geld in omloop zou brengen, zou dat beslist tot een puinhoop leiden!

Democratie zonder eigen geld

Het resultaat is dat we nu nog steeds beweren in een democratie te leven, terwijl één van de belangrijkste attributen van onze maatschappij, de geldschepping, in handen is van privé-bankiers. De Nederlandse Bank N.V.  wordt bestuurd door privé-personen en is onafhankelijk van de overheid. Voorheen bepaalde zij ook zelfstandig de rentevoet, zoals dat heette “in het belang van de economie”. Nu wordt dat gedaan door de Europese Centrale Bank (ECB), waar de 17 privé-bestuurde, onafhankelijke centrale banken van de eurozone eigenaar en uitbater van zijn.

Eén rentevoet voor allen

De ECB is de onmogelijke uitdaging aangegaan één rentevoet te bepalen voor de 17 verschillende landen, met totaal verschillende economieën, die zeer uitéénlopende mogelijkheden voor productiviteit hebben. Het is uiteraard schier onmogelijk een rentevoet te bepalen, die voor alle landen het optimale effect heeft. Een rentewijziging kan slechts voor één of enkele landen gunstig uitpakken. En de andere landen dragen daar de gevolgen van.

Euro duurste geldexperiment ooit

De euro zal vermoedelijk de geschiedenis in gaan als het duurste geldexperiment ooit. Sinds de start van het project in 1970 was al bekend, dat het gedoemd was te mislukken, maar bankiers en eigenwijze politici drukten de gezamenlijke munt er toch door. Het punt is, dat een gezamenlijke munt alleen kan werken in een economisch homogeen gebied. [2] [3] [4] Hier is waarom.

Wanneer consumenten, in landen met minder mogelijkheden voor productiviteit, de voorkeur geven aan goedkopere en betere importproducten, dan zal de buitenlandse schuld stijgen. Tegelijkertijd verslechtert de eigen productiviteit van het land. Een land met een eigen munt, kan deze munt dan devalueren. Dat maakt importproducten duurder voor de eigen bevolking en exportproducten goedkoper voor buitenlandse kopers. De schuld zal afnemen en de productiviteit weer toenemen. Devaluaties waren heel gewoon voordat de euro begon. De euro werkt als een vaste wisselkoers. Minder productieve landen zitten als ratten in de val. Ze zullen nooit uit de schulden kunnen raken. Daarom is de weg die bewandeld wordt om deze landen met nog hogere schulden op te zadelen een vreemde en kwalijke zaak.

Euro gekoppeld aan EU-lidmaatschap

De bankiers hebben voor elkaar gekregen, dat we niet uit de euro kunnen stappen zonder ook uit de EU te stappen. Wel, dat zijn dan twee vliegen in één klap.

De EU

Steeds meer mensen komen er achter, dat de EU veel minder democratisch en sociaal is dan de burgers in Europa willen. Hoewel dat van begins af aan al zo was, komen velen er nu pas achter dat het Europese Parlement een schijnvertoning is en geen echt parlement met democratische macht. Ze komen er ook steeds meer achter, dat de Europese Commissie (EC) en de ECB alle macht naar zich toe trekken. Voor de EC en de ECB zal het ESM-verdrag [5] trouwens de doorbraak zijn om de nationale parlementen buiten spel te zetten. De ratificatie van dit verdrag lijkt voor hen een makkie te worden, want de meeste parlementariërs slapen nog of kunnen het niet geloven. (Of zijn ze medeplichtig?)

De Europese Unie heeft de vrije markt economie als vastgelegd uitgangspunt. Bijna iedereen heeft inmiddels begrepen, dat deregulering van banken, privatisering van de infrastructuren en opheffen van overheidstaken tot een harde en door crises geteisterde samenleving leidt. Die uitgangspunten zijn achterhaald. De aanhangers van deze principes zullen deze er alleen met geweld door kunnen drukken. Griekenland zal niet het laatste slachtoffer zijn.

Het IMF-scenario

De EC en ECB werken nu samen met het IMF om landen met te hoge schulden onder nog zwaardere schulden te verpletteren. Het scenario om de macht te grijpen is in de afgelopen 50 jaar al vele malen door het IMF toegepast. Dat gaat zo: manoeuvreer een land in de moeilijkheden en zodra het in de schulden raakt verpletter je het onder gigantische leningen, zodat ze niet eens de rente meer kunnen betalen. Vervolgens hou je het land onder curatele en zorg je ervoor dat de overheid maximaal verzwakt wordt door het invoeren van steeds verder gaande bezuinigingen. Laat het volk maar flink bloeden, dan zijn ze naderhand snel tevreden als ze een beetje lucht krijgen. En zodra de zaken flink ontgereld zijn, laat je de rijkdommen van het land door buitenlandse investeerders opkopen en voer je een absolute Vrije Markt Economie in.

Ook wij

Wie even nadenkt, ziet dat met het scenario van de noodfondsen alle eurolanden in de schulden belanden. Ook dat is in het criminele scenario al voorzien. De massale leningen dienen in eerste instantie om een land onder curatele te kunnen stellen. Zodra dat een feit is, kun je verklaren dat het land zijn leningen nooit terug zal kunnen betalen. En met die kaduke leningen kun je de volgende slachtoffers in de schulden manoeuvreren; dat zijn de regeringen die zich garant gesteld hebben. Zij zullen moeten bezuinigen om de verliezen te betalen. En voor alle landen zal telkens weer het refrein herhaald worden, dat de overheden moeten bezuinigen, bezuinigen, bezuinigen. Totdat er zo goed als niets meer over is van de rol en functie van de nationale overheden, zodat Brussel het over kan nemen. Natuurlijk zal dat gepaard gaan met enorme sociale onrust. De rest mag u lezen in het boek van Naomie Klein, De Shock Doctrine.

2.   De bankhervorming

Staatsgulden

De oplossing is simpel. In plaats van nog tientallen miljarden meer te steken in een euro, die gedoemd is vroeg of laat weer te verdwijnen en in plaats van ons bezuinigingen voor te laten schrijven door de ondemocratische Europese Commissie en de ECB, kunnen we ook een rijksgulden invoeren.

Technisch is dat vrij eenvoudig te realiseren. In plaats van de huidige centrale bank, komt er een nieuwe centrale bank, van de staat. Deze zal onder verantwoordelijkheid vallen van het Ministerie van Financiën en gecontroleerrd wordt door het parlement. Een commissie van goed opgeleide mensen zal waken over de lange termijn belangen van het geldsysteem.

De staatsbank zal de enige bank zijn, die gemachtigd is geld te creëren. Alle leningen worden in staatsgeld verstrekt, of dit nu elektronisch of in contante vorm is. Het wordt commerciële banken en financiële instellingen verboden tegoeden te creëren uit het niets. Alle nieuwe tegoeden moeten voor 100% door staatsgeld gedekt zijn. De huidige banken blijven verantwoordelijk voor de leningen in euro’s, die ze op het moment van de hervorming uit hebben staan. Voor zover zij wensen, kunnen zij tussenpersoon worden tussen de staatsbank en het publiek voor het verstrekken van leningen en kunnen zij in naam van de staatsbank de rekeningen van klanten beheren. In dat geval verandert er voor het publiek niets aan hun bestaande rekeningen. De tegoeden in euro’s worden 1:1 omgezet in staatsguldens. Als tussenpersoon ontvangen de banken geen rente maar een commissie voor hun diensten.

Uitgifte staatsguldens

De uitgifte van staatsguldens levert een vergelijkbare hoeveelheid euro’s op. Deze kunnen door de staatsbank aangehouden worden voor de betaling van schulden, en tevens als enorme strategische reserve. Het lijkt mij namelijk niet ondenkbaar, dat op enig moment de nieuwe staatsgulden op de wisselmarkten aangevallen zal worden. We zullen zo ongeveer het enige land ter wereld zijn, dat zijn eigen staatsgeld heeft en dat zullen de machtige privé-bankiers ons niet in dank afnemen.

Geen bezuinigingen

De aanleiding voor de huidige bezuinigingen zijn de gigantische leningen die IMF / EC/ ECB moedwillig op Griekenland geladen hebben, terwijl het land al onder te zware schulden gebukt ging. Het was voorspelbaar, dat na de machtsgreep van IMF / EC / ECB de leningen op enig moment oninbaar verklaard zouden worden en dat de verliezen afgewenteld zouden worden op de euroburgers in de andere landen.

Kort geleden stond het noodfonds EFSF op 440 miljard euro. Dat was gemiddeld 1320 euro per euroburger. Daar was op 27 oktober 2011 nog 250 miljard van over, toen de euro-regeringsleiders daar met een boekhoudtruc 1000 miljard van hebben gemaakt. (Juist, de gebakken lucht formule.) Uiteraard staan we nu garant voor de 1000 miljard, oftewel gemiddeld 3000 euro gemiddeld voor elke euroburger. Als het volgende noodfonds, het ESM, door de nationale parlementen goedgekeurd wordt, dan komt daar een verplichting van 700 miljard (2100 euro per euroburger) bij. Dat ESM-fonds kan vervolgens zonder parlementaire goedkeuring eindeloos verhoogd worden.

De aanleiding van de bezuinigingen ligt dus niet aan de Nederlandse situatie. We hebben hier uiteraard de moeilijkheden met de vergrijzing, die om aanpassingen vragen, maar dat hoeft niet per sé in te houden dat we onze overheid en onze sociale, culturele en andere voorzieningen op moeten geven.

Laten we stoppen met de euro, stoppen met de EU en stoppen met de bezuinigingen.

Pensioenfondsen

Je kunt je hele leven geld sparen voor je pensioen, maar wat je ermee kunt doen is sterk afhankelijk van de situatie op dat moment. Al vóór 1980 was duidelijk dat er rond 2015 een enorme grijze golf aan zat te komen van mensen van 65 jaar en ouder, waar een steeds kleinere proportie werkende bevolking tegenover zou staan. Pensioenfondsen hebben hun premiebetalers in de waan gelaten, dat ze een waardevast pensioen zouden krijgen, iets wat ze bij deze voorzienbare situatie nooit had mogen beloven. De voorgaande generatie pensioengangers kon door de gunstige verhouding tussen veel werkende bevolking en relatief weinig gepensioneerden, als het ware uit de premies van de werkende bevolking betaald worden. Die tijd is voorbij.

Pensioenfondsen hebben meestal een deel van de ingelegde premies belegd in staatsobligaties. In feite wordt een deel van de pensioenen dus nu al door de overheid betaald met ons belastinggeld. Een ander deel van de pensoenen is afkomstig uit buitenlandse beleggingen. Anders gezegd, uit de winst van bedrijven elders op de wereld. Nog anders gezegd, uit het feit dat arbeiders elders op de wereld een deel van hun werk verrichten om onze pensioenen te kunnen betalen. Een soort financieel kolonialisme dus.

Persoonlijk zou ik er voor zijn, dat wij voor onszelf zorgen en zelf onze ouderen verzorgen. Mijns inziens is daar genoeg ruimte voor, wanneer we geleidelijk onze economie op duurzaamheid en samenwerking inrichten, in plaats van competitie en financiële winstgevendheid.

Goedkoper geldsysteem

Het staatsgeldsysteem kan veel goedkoper functioneren dan het privé-geldsysteem dat we nu hebben. In eerste instantie gaat alle rente naar de staatskas en komt zo de gemeenschap ten goede. De rente kan tevens lager blijven, omdat de staatsbank geen winst hoeft te maken. (Geen vette salarissen voor financial boys, geen bonussen, geen dure kapitaalopbouw.)

De staatsbank heeft geen apart kapitaal nodig, omdat het geld van de gemeenschap is. In feite staan we met ons allen garant voor de waarde van ons geld. Wanbetalingen kunnen op dezelfde manier afgewikkeld worden als belastingschulden.

Permanent geld

Momenteel bestaat al het geld in omloop uit leningen, die telkens door nieuwe vervangen moeten worden. Mits begeleid door een toegesneden fiscale politiek, kan de staatsbank besluiten om een deel van al het geld permanent in omloop te laten, om de behoefte aan leningen te verminderen. Dit kan de overheid in dit nieuwe systeem zeer eenvoudig realiseren door een aantal uitgaven te doen (= geld in omloop brengen) zonder de overeenkomstige belastingen te heffen.

Inflatie

Het staatsgeldsysteem heeft op zichzelf geen noodzaak voor inflatie. Het kan zelfs perfect blijven werken in tijden van deflatie. Geldleners zullen niet meer het relatieve voordeel kennen van de waardevermindering van aflossingen. Daar staat tegenover, dat de rentekosten altijd lager kunnen zijn en voor democratisch gewenste investeringen zelfs geheel achterwege kunnen blijven. (En als een lage rentestand moeilijkheden zou leveren in internationaal opzicht, kan de rentelast geheel of gedeeltelijk fiscaal gecompenseerd worden.)

Staatsschuld

De huidige staatsschuld is ontstaan door overheidsuitgaven waarvoor vooraf geen belasting is/was geheven. Deze staatsschuld kan met nieuw gecreëerde staatsguldens op de kortst mogelijke termijn opgeheven worden. Dat stopt de rentebetalingen. Daarna kan het begrip staatsschuld naar de prullenmand, omdat de staat, wanneer nodig, bij de eigen bank terecht kan. Voor overschrijdingen van het budget kunnen de toegestane gevallen en limieten omschreven worden, als ook condities voor uitzonderingen, waarbij we bijv. kunnen denken aan een vereiste instemming van een 2/3 kamermeerderheid. De regels kunnen in de grondwet verankerd worden.

Democratische invloed

De mindere invloed van bankiers op de vormgeving van de samenleving zal zich vertalen naar meer ruimte voor democratische invloed. Dat biedt de mogelijkheid om een transitie naar een duurzame samenleving in gang te zetten. Voorlichting, betrokkenheid en inspraak van burgers zullen van groot belang zijn om deze te realiseren. Het lijkt mij niet uitgesloten, dat hier verbeterde democratische structuren voor nodig zijn.

Europa

De Europese Unie geeft dagelijks veel gemak in de internationale handel. Maar wordt de prijs nu niet te hoog? Willen we onze soevereine democratie inruilen tegen het dictatoriale bewind van de Europese Commissie, die er op uit is alle verworvenheden tot het bot weg te bezuinigen en de hele maatschappij om te vormen tot een financiële speelplaats? Persoonlijk denk ik, dat die gemakken dan veel te duur betaald worden.

De samenwerking met Europese partners zal trouwens niet stoppen wanneer we uit de EU stappen. Echte samenwerking is gebaseerd op handel, industrie en toerisme en op alles waar wederzijdse belangen mee gediend zijn.

Notities en referenties:

[1]

Op 25 oktober 2011, bij Pauw en Witteman, wordt Sunny Bergman resoluut de mond gesnoerd door Ewald Engelen, die zich als financieel-geoloog voorstelt en de crisis-story vanuit het mainstream-oogpunt komt belichten. Nadat EE de ellende kernachtig heeft weergegeven, merkt Sunny Bergman op: “Maar het is ook goed om het economisch groeimodel an sich eens ter discussie te stellen.”
EE, als door een hond gebeten: “Ja dat is een hele leuke luxe positie. Dat moeten we vooral doen. Op het moment dat je in een hele leuke mooie auto rijdt.”– SB:“Ik heb geen mooie auto”– EE:“Nee, okay en bij Markt lekker eten kan kopen, maar voor heel veel andere mensen is dit gewoon een exercitie die niet in hun hele wereldbeeld voorkomt.” (En dus vooral niet in het wereldbeeld van deze Ewald zelf.)

[2] In de wetenschappelijke studies over de “optimum currency areas” kunnen we de studies onderscheiden die focussen op de noodzakelijke condities en die van na 1970 (toen politici besloten hadden dat ze een gezamenlijke munt wilden) die meer focussen op kosten en baten.

Roman Horvath and Lubos Komarek in “OPTIMUM CURRENCY AREA THEORY: AN APPROACH FOR THINKING ABOUT MONETARY INTEGRATION” (2002)

“It is possible to distinguish two major streams of the optimum currency area literature. The first stream tries to find the crucial economic characteristics to determine where the (illusionary) borders for exchange rates should be drawn (1960s-1970s). The second stream (1970s-till now) assumes that any single country fulfills completely the requirements to make it an optimal member of a monetary union. As a result, the second approach does not continue in the search for characteristics, identified as important for choosing the participants in an optimum currency area. This literature focuses on studying the costs and the benefits to a country intending to participate in a currency area.”

http://wrap.warwick.ac.uk/1539/1/WRAP_Horvath_twerp647.pdf , page 7.

Friedman put forward the advantages of flexible exchange rates between countries as follows: As it is commonly observed, the country’s prices and wages are relatively rigid and factors are immobile among the countries. As a result, under the negative demand or supply shock the only instrument to avoid higher inflation or unemployment is the change in the flexible exchange rate (that means appreciation or depreciation of the currency). This brings the economy back to the initial external and internal equilibrium. (…) Under the fixed exchange rate regime there would always be the unpleasant impact on unemployment or inflation.

http://wrap.warwick.ac.uk/1539/1/WRAP_Horvath_twerp647.pdf , page 8.

[3] Yrd. Doç. Dr. Hüseyin Mualla YÜCEOL, Mersin Üniversitesi İktisadi ve İdari Bilimler Fakültesi, Maliye Bölümü, in “WHY THE EUROPEAN UNION IS NOT AN OPTIMAL CURRENCY AREA: THE LIMITS OF INTEGRATION”

Europe is not an optimal currency area. Although, On January 1, 1999, 11 EU countries initiated an EMU by adopting common currency, the euro, the EU does not appear to satisfy all of the criteria for an optimum currency area. Then, joining the EU is not identical with joining the euro for both old members and new members.

http://eab.ege.edu.tr/pdf/6_2/C6-S2-M6.pdf , page 66

[4] Paul de Grauwe, gedeelten van een speech:

“With up to twenty-seven members instead of the present twelve, the challenge for ensuring a smooth functioning of the enlarged Eurozone will be daunting. The reason is that in such a large group the probability of what economists call ‘asymmetric shocks’ will increase significantly. This means that some countries may experience a boom and inflationary pressures while others experience deflationary forces. If too many asymmetric shocks occur, the ECB will be paralyzed, not knowing whether to increase or to reduce the interest rates. As a result, member countries will often feel frustrated with the ECB policies that do not (and cannot) take into account the different economic conditions of the individual member countries. This leads us to the question whether the enlarged EMU will, in fact, be an optimal currency area.” (…)

“If a country is hit by negative shocks brought about by agglomeration effects, the wage cuts necessary to deal with these shocks will inevitably be very large. To give an example: If Ford Motor were to close down a plant in Belgium and to invest in Poland instead, the wage cut of Belgian workers that would convince Ford Motor not to make this move would have to be 50% or more given that the wage not feasible, then flexibility dictates that the Belgian workers be willing to move.”

http://mostlyeconomics.wordpress.com/2010/06/21/were-europes-curent-problems-never-imagined/

[5]

ESM, de nieuwe Europese dictator (artikel)
http://www.courtfool.info/nl_ESM_de_nieuwe_Europese_dictator.htm

ESM, de nieuwe Europese dictator (video, 3:50)
http://www.youtube.com/watch?v=1GaH2MqXfxM

ESM, een staatsgreep in 17 landen
http://www.courtfool.info/nl_ESM_Staatsgreep_in_17_landen.htm

Vrij van copyright
Als u wenst, kunt u dit artikel vrij kopiëren, doorsturen of publiceren in kranten of op het internet.

Zouden meer mensen dit artikel moeten lezen?

Op het internet hebben de lezers de macht! Zij bepalen welke informatie de wereld rond gaat! U bent zich er misschien niet van bewust, maar als elke lezer een link stuurt naar 3 geïnteresseerde personen, dan zijn er maar 20 stappen nodig om 3,486,784,401 mensen te bereiken! Wil je dat zien gebeuren? Gebruik je macht!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s